Een keukentrap voor de hogere delen

De suppoost is invalide. Zijn hoofd staat scheef op zijn nek. De tanden zijn te groot voor de mond, daarom bevinden ze zich, voor zover ze nog in zijn tandvlees zitten, grotendeels in de open lucht. Goedemiddag, zegt hij, tenminste, als ik de losse woorden die hij eruit perst goed versta, is dat wat hij zegt. Graatmager is hij, het pak dat hem door het museum ter beschikking wordt gesteld hangt om hem heen. Zijn linker schouder lijkt ten hemel te wijzen, in een gebaar dat aarzelt tussen aanklacht en hulpvraag. Hij doet de deur open en laat me binnen. Ik heb bijna de neiging hem een fooi te geven, maar dat durf ik niet. Lees verder

Als op een zomerdag een landmeter

Foto: Wikipedia

Je moet er echt een keer heen, zeiden ze, naar het Nationaal Monument op (of in) Vitkov, echt, je zult zien, het is de moeite waard, je vindt er ook een van de grootste ruiterstandbeelden ter wereld, daar zijn ze trots op, de Tsjechen, echt, het Nationaal Monument in Vitkov, zo lang je nog in Žižkov bent moet je daar echt heen, anders ben je namelijk niet in die buurt geweest; maar gisteren regende het en de rest van de dagen was het te warm, als ik ’s avonds een halfslachtige poging ondernam om er te komen voelde ik me een arme landmeter, de moed zakte me voordat ik aan de klim die heuvel op begon al in de schoenen, ik was net als de landmeter iemand die in zijn beroep niet helemaal zeker is en die ergens, bijvoorbeeld in een van de zalen van dat Nationale Monument, een document kan krijgen, een officieel papier waarop staat dat hij er bij hoort en dat hij aanwezig mag en kan zijn, hij, die landmeter, ik dus, heeft de routebeschrijving gekregen van een lieve vrouw die het eigenlijk met de kasteelheer (of monumentenbeheerder) houdt en die hem, mij, toch, uit liefde, van de routebeschrijving voorzag, maar dat geeft niet, hij, ik probeer me daar niets van aan te trekken, van die kasteelheer of monumentenbeheerder, ik concentreer me op de routebeschrijving. Gisteren viel ik trouwens in slaap, midden op de dag, de regen was opgehouden met snoeihard neerkomen en ik had gemakkelijk alle trappen naar dat ruiterbeeld, dat ik elke dag zie liggen in de verte als ik terugloop van de Albert of de Tesco, kunnen beklimmen.

Ronaldo – het koningsoffer

Het is anders dan toen, maar het is nog steeds: Ronaldo!

Weblog van Chrétien Breukers

UEFA European Football ChampionshipMensen die niet van de voetballer Cristiano Ronaldo houden, dat zijn helaas geen mensen. Dat zijn gevoelloze houten klazen die per ongeluk een omhulsel van vlees en wat aders vol restbloed hebben gekregen. Verwijten over ijdelheid of zelfs narcisme zijn onzinnig. Je gaat de regen ook niet kwalijk nemen dat hij nat is. Ronaldo denkt maar aan één ding – en daarin verschilt hij van bijna alle andere mannen. Andere mannen willen namelijk een ander ding en daarom zijn zij geen Ronaldo.

View original post 496 woorden meer

Vooroordelen over Moffen

Ik zat in Asia Gourmet. Berlin Hauptbahnhof. Een echtpaar ging aan de tafel tegenover me zitten. Een grote man en een grote vrouw. Een jaar of dertig. Ze zetten allebei een groot bord eten voor zich neer. Ik dacht: Ja, zie je wel, Duitsers, die mensen eten meer. In Nederland zou een vrouw nooit zo veel eten bestellen. De man zette de borden op tafel en ging het drinken halen, twee halve liters bier. Ik nam een slok van mijn mineraalwater en keek naar de vrouw. Ze was erg groot, zeker 1 meter 90. Dat eten kreeg ze gemakkelijk weg, gemakkelijker dan ik. Een struise vrouw, zonder dik te zijn. Heel erg blond was ze. Blauwe ogen. Typisch, dacht ik, echt een Mof, ik wilde het woord dat mijn opa altijd gebruikte niet eens denken, maar het gebeurde toch. Ik dacht: Die vrouw, dat is een Mof. De man was veel minder een Mof. Hij was meer een soort Roemeen, met zijn lelijke afgeknipte spijkerbroek, zijn witte sportsokken, zijn wandelschoenen en zijn t-shirt met daarop de tekst ‘Iron Maiden, world tour ’81’. Zuinig ook. Dat t-shirt was dus al 36 jaar oud, of zouden ze die op voorraad houden bij de merchandisewinkel van Iron Maiden? De man ging zitten en pakte de pot sambal. Hij schepte drie lepels op zijn eten. De vrouw keek hem aan. Hij wilde nog een vierde lepel nemen. Uiteindelijk zag hij daar toch van af, onder haar nogal dwingende blik, die voelde ik zelfs op afstand. Hij vroeg iets aan haar. Ze gooide haar hoofd in de nek, lachte en zei, met een accent dat ergens tussen Rotterdam en Gouda was verwekt, Ik had je toch gevraagd om stokjes voor me mee te nemen, ik wil met stokjes eten. De man stond op en haalde stokjes. Ik keek een andere kant op en voelde mijn wereldbeeld lichtjes kantelen.

Limburg

Limburg

Helaas. Ik weet niet precies hoe het zit.

Gerbrand Bakker

Eén keer eerder in mijn leven heb ik een lezing gehouden in Limburg. Nee, ik meen dat er ook een lezing geweest is in Noord-Limburg en die werd wel aardig bezocht. Eén keer eerder in Maastricht. In die Dominicanerkerk. Er stond een enorme geluidsinstallatie klaar. Er kwamen twee dames op af. De rest van het winkelende publiek keek me aan alsof ik, ja, dat weet ik niet goed, wat was. Gisteravond gesprek onder leiding van Erik Lindner, met Roos van Rijswijk en mij. Op de Van Eijk Academie. Er waren zeven (7) bezoekers. Limburg. Moeilijke provincie. Altijd maar schreeuwen tegen westerlingen, tegen de randstad, altijd en eeuwig dat misplaatste minderwaardigheidsgevoel. Maar als er dan een westerling, wat zeg ik: drie (3) westerlingen, afzakt/afzakken, komen ze niet. Misschien omdát het westerlingen zijn, misschien omdat ze daarmee willen aangeven: jullie interesseren ons niet. Er was geen voetbal op de tv en ook…

View original post 413 woorden meer