Twee minuten stilte

De twee minuten stilte op 4 mei heb ik altijd erg ongemakkelijk gevonden. Niet omdat ik net tijdens die twee minuten altijd jeuk krijg, of een kuch voel opkomen. Niet alleen daarom. Ook niet omdat ik me afvraag of die ruim 100000 vermoorde Joden en duizenden verzetsstrijders en geallieerde soldaten moet worden herdacht, net als die hele rits slachtoffers die het organisatiecomité altijd in die lastig te onthouden zin samenvat. Hoewel, de website van de organisatie geeft iets meer helderheid tegenwoordig: ‘Tijdens de Nationale Herdenking herdenken we de Nederlandse slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog en oorlogssituaties en vredesmissies nadien.’

Na klar! Natuurlijk moeten zij worden herdacht en natuurlijk is de jaarlijks terugkerende discussie over andere groepen die óók zouden moeten worden herdacht tijdens de Nationale Dodenherdenking vals. En bovendien zijn die discussies meestal ingegeven door valse en/of kwaadaardige motieven, zoals een stiekem antisemitisme. Wat mij betreft mag de herdenking op de Dam nog eeuwen zo blijven voortbestaan – al vrees ik soms het ergste.

Ik vind die twee minuten stilte onder meer ongemakkelijk omdat zij worden gevolgd door het spelen van het Wilhelmus. Gek genoeg raakt mij dat elk jaar, bijna tot tranen toe. Dat komt door Simon Carmiggelt. Die schreef ooit in zijn verhaal Voortijdige memoires dat hij in zijn jeugd niet mocht opstaan voor het volkslied. Dat deed een echte socialist niet, vonden zijn ouders. Dus hij bleef altijd zitten. Maar de Tweede Wereldoorlog brak uit: ‘Ik schreide hete tranen toen het op 10 mei 1940, na de eerste Koninklijke boodschap, door de radio klonk.’ Vijf jaar later ging Carmiggelt weer voor de bijl, tijdens het spelen van het volkslied na de bevrijding op de Dam.

Het komt daarnaast door mijn oma van moederszijde, die haar kinderen verbood om naar de koningin te luisteren, als zij op de radio was. De koningin was een protestante vrouw en in Limburg was nog lang niet iedereen bekomen van de Tachtigjarige Oorlog, in de jaren dertig, veertig en vijftig (en soms heb ik het idee dat dit nóg niet het geval is). Het zwelgen in een milde vorm van orangisme is een subversieve daad, voor mijn gevoel. En omgeven met een troebele sentimentaliteit, waarin ik gemakkelijk wegglijd.

Nog ongemakkelijker – en ook zij weten me elk jaar weer tot tranen toe te roeren – is de aanwezigheid van de veteranen. Zie ze daar staan, twee minuten stokstijf, saluerend, met hun blauwe blazers vol onderscheidingen, de slobberende grijze broek netjes in de plooi, de schoenen gepoetst. Sommigen kunnen niet meer uit hun rolstoel komen, maar ze zitten twee minuten zo recht mogelijk. Ze hebben allemaal nog wel eens whisky of whiskey gedronken met Prins Bernhard. Twee minuten zijn ze bevroren in hun roemruchte verleden, dat nooit, maar dan ook nooit meer terugkeert. Vroeger brachten ze het hoofd van jonge meisjes op hol, nu maken ze mij aan het huilen. Straks zijn ze allemaal uitgestorven, maar gelukkig is er tegen die tijd nieuwe aanwas uit de vredesmissies, al is ‘gelukkig’ in dit verband misschien niet het beste woord.

Foto: Oude en Nieuwe Kerk Delft.

Advertenties

Een gedachte over “Twee minuten stilte

  1. Wat een mooi stuk. Ik heb gisteren ook gehuild en begreep niet precies waarom. Maar jij schreef het zo op dat ik het begreep. M.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s