De man met de oordempers

De kade is gedeeltelijk opgebroken. De stenen van de rijweg worden per rij losgewrikt door een werkman met een gele, fluorescerende jas aan. Hij draagt ook een pet en een laaghangende spijkerbroek. Terwijl hij werkt, luistert hij naar muziek. Die komt uit een op een bermbom lijkend apparaat dat op een meter of vijf van hem af staat. De muziek staat zo hard dat ik het raam moet sluiten als ik in rust wil werken. Het irriteert me, maar ik durf hem niet te vragen of hij het geluid zachter wil zetten. Misschien weigert hij de straat dan, net voor mijn huis, weer dicht te maken als het zover is (en als het ooit zover komt).

Ik wist niet waarom de straat gedeeltelijk is opgebroken. Net zoals ik niet wist waar de leidingen die bovengronds zijn aangelegd en die om de honderd meter met een mini-gemaal zijn verbonden voor dienen. Nu weet ik het wel. Ik heb vanochtend namelijk een gesprek met de werkman gevoerd en die heeft het me uitgelegd. Echt begrijpen doe ik het geloof ik nog niet, maar er komen hoogspanningskabels en een kabel voor glasvezel ondergronds, beweerde hij, en de (tijdelijke) leidingen voeren het grondwater af. ‘Anders stond ik in de modder te werken,’ zei de werkman. ‘Ik zou willen dat je radio in de modder zakt,’ dacht ik terwijl ik hem vriendelijk bedankte voor de uitleg. ‘Er is een brief door de gemeente gestuurd hierover,’ zei hij ook nog. Ik lees die brieven nooit omdat ik altijd bang ben dat ze aankondigingen van onteigening bevatten.

Nu de middag nadert, staat de radio wat verder weg. Je leest wel eens dat mensen met zware beroepen onmogelijk kunnen doorwerken tot na hun vijfenzestigste. Vanwege hun gewrichten en ruggenwervels. Maar je leest nooit iets over de auditieve marteling waaraan ze zichzelf en hun publiek voortdurend blootstellen. Ik zou krankzinnig worden als ik elke dag naast die radio moest zitten. Acht uur per dag. Vijf dagen per week. Vlak voordat ik krankzinnig zou worden, zou ik een speciaal voor de gelegenheid in België aangeschaft automatisch geweer leegschieten op een mensenmenigte, of beter: op mijn collega’s én op hun radio’s. Rustig maar.

Het is elf uur. De man eet een boterhammetje. Hij zit op een stapel door hemzelf losgewrikte stenen. Hij heeft een thermoskan met koffie erin bij zich. Omdat het pauze is, draait hij de muziek harder. Ik kijk door het raam naar hem, hij zit met zijn rug naar me toe. Hij draagt oordempers.

Advertenties

Een gedachte over “De man met de oordempers

  1. Al die opgebroken straten, je gaat er kapot aan ja. Ow die radio, die kan ik ook wel vervloeken. Mensen vinden dat prettig. Wat ben ik dan, vraag ik me soms af. Afijn, maar even flink aan de weg timmeren.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s