De aardappeleters van Eddy van Vliet – Pommes Anna

petite-potatoes-anna-buttery-scalloped-potato-stacks-dairy-free-gluten-free-veganEddy van Vliet (1942-2002) heeft een paar klassieke gedichten geschreven, dat wil zeggen: gedichten die te pas en te onpas worden gebloemleesd en die bij de enkele verdwaalde poëzielezer die over deze planeet rondwaart in sommige gevallen een belletje doen rinkelen: ‘Nieuwjaar 1956’ en ‘Verliefd’. Ze zijn hieronder terug te vinden. Op de weblog Laurens Jz. Coster stond vandaag een ander gedicht van Van Vliet, dat ‘Aardappelen’ heet. De vertellende instantie van het gedicht: de aardappelen tout court, als soort. Eddy van Vliet schuwde het grote gebaar niet.

Het komt maar zelden voor dat ik aan de hand van een gedicht na ga denken over aardappelen. Maar plotseling was dat vandaag wel het geval. Met genoegen zag ik de Charlotte en de Rosa, als rassen, langskomen. Mijn verbeelding werd pas echt flink op gang gebracht door dit zinsdeel: ‘(…) en eens bereid, heten we Anna of hertogin.’ De Pomme Duchesse kent denk ik iedereen, zelfs in Nederland, iedereen heeft die merkwaardige toefjes wel eens gegeten, desnoods met Kerstmis en desnoods uit een pak van Aviko. Pommes Anna werden mij alleen in Vlaanderen en Frankrijk ooit geserveerd.

Het is een fijn bijgerecht. Niet geheel calorie-vrij, om het eufemistisch te zeggen. Het bestaat uit aardappelschijven en boter; meer heb je er niet voor nodig. Je drapeert die schijven in een vorm, doet er aardig wat boter bij, zet het geheel in de oven en wacht af tot er een heerlijk, knapperig aardappelbroodachtig iets is ontstaan. Op smaak brengen met peper, zout en kruiden naar believen. De naam is het gerecht gegeven door de uitvinder ervan, Adolphe Dugléré (van het Café Anglais), moge zijn nagedachtenis ons tot heil strekken.

Anna was een beroemde cocotte in de negentiende eeuw. De Engelse wikipedia-pagina stelt: ‘There is disagreement about which beauty the dish was named after: the actress Dame Judic (real name: Anna Damiens), or Anna Deslions.’ Dat het een Anna was, staat echter vast.

Het hele gedicht van Van Vliet is zo behaagziek als een cocotte; in elegante beelden roept hij een wereld op waarin aardappelen toch iets anders zijn dan het voedsel voor arme mensen, arme mensen die later door Van Gogh moeten worden geschilderd en getekend. De aardappel is in zijn gedicht plotseling een wufte knol. Ondertussen zit ik sinds het lezen van Van Vliets regels met een onblusbaar verlangen naar een portie Pommes Anna.

Nieuwjaar 1956

Een en al bedrijvigheid zou het jaar zijn.
De kater diende gesneden, de notelaar
voor omvallen behoed en wie ziek was zou genezen.

Met zorg werd de kleur der tegels gekozen.
Deuren moesten worden uitgebroken. Uit Parijs
zouden nichtjes en neven overkomen.
Alles wat ons verenigde werd in gele doosjes verpakt.
Op hun terugkeer werd zenuwachtig gewacht.

Maart, de maand waarin alles veranderde, moest nog komen.
Hoe ik niet kon geloven dat het waar was
hing al in de lucht, zoals de verfgeur in mijn haren.

 

***

 

Verliefd

Zo gaat het, zo ging het en zo zal het altijd gaan.
Afspreken in cafés op de sluitingsdag.
Aan de verkeerde zijde van bruggen staan.
Tussen duim en wijsvinger, als brandende as,
het fout begrepen telefoonnummer.
Parken te nat, hotels te vol, Parijs te ver.
Liefde als een veelvoud van vergissingen.

Onbeholpen woorden als zo-even op zak en
zoveel zin om, los van de wetten
van goede smaak en intellect, te schrijven
dat van de stad waar je elkaar voor het eerst zag,
een plattegrond bestaat, waarop een kus,
die het nauwelijks was, geregistreerd werd.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s