De eerste alinea: Gerard Reve, Nader tot u

Foto: Joost Evers, via Wikipedia

Foto: Joost Evers, via Wikipedia

Toen ik nog een kleine jongen was, kwam er eens een man bij ons thuis, die een uitvinding van krijgskundige aard had gedaan, waarvan hij, door bemiddeling van mijn vader, hoopte zo spoedig mogelijk de Russiese regering de gelukkige bezitster te kunnen maken: nadat deze zijn vinding in toepassing zou hebben gebracht zou, naar de man zijn stellige overtuiging, het Rode Leger onoverwinnelijk zijn geworden. Gerard Reve, De Avonden, Nader tot U Van Oorschot, Amsterdam, 1966, ik citeer uit de zeventiende druk (1977).

Ik stel me het gesprek voor tussen Gerard Reve en een redacteur in 2017.

‘Nou Gerard, ik heb je boek gelezen en ik moet zeggen: het is prachtig.’
‘Dank je.’
‘Ik heb een paar kleine dingen. In de eerste plaats: die beginzin.’
‘Ja, wat is daarmee?’
‘Ik vind hem te lang?’
‘Hij is misschien lang, maar je weet dat ik van lange dingen houd…’ (Gerard lacht. De redacteur blijft serieus kijken en haalt een stapel papieren tevoorschijn.)
‘Ik heb even wat zitten schuiven.’
‘Schuiven?’
‘Ja. Kijk maar even.’
(Gerard pakt het bovenste vel van de stapel papieren en leest: ‘Toen ik nog een kleine jongen was, kwam er op een dag een man bij ons thuis op bezoek die een uitvinding van krijgskundige aard had gedaan. Hij hoopte dat mijn vader voor hem kon bemiddelen. Als de Russische regering eenmaal de gelukkige bezitster van zijn vinding was, zou het Rode Leger onoverwinnelijk worden. n.b.: kijk even naar het archaïsche taalgebruik!’ Gerard legt het papier weer op tafel en kijkt over de schouder van de redacteur in de verte.)
‘Het is korter. Je trekt de lezer meteen het verhaal in. En je verhaal, dat wat je in dit boek wilt vertellen, Gerard, daar gáát het om.’

Ik heb met veel redacteuren samengewerkt. Met erg goede redacteuren ook. Maar soms, heel soms, is er die neiging om proza gelijk te trekken, te egaliseren, om alle zinnen de look and feel van alle zinnen te geven – je ziet het in veel hedendaagse boeken terug. Waar een redacteur je soms kan helpen met de structuur van het boek, of waar hij of zij je kan vertellen dat die humoristische passage waar alleen jij om kon lachen, hardop, echt niet kán, daar is de ontwikkeling van een ‘taalmuziek’, een stijl, iets waarbij niemand je kan ‘helpen’. Die ontwikkel je, of die ontwikkel je niet.

Reve heeft lang geworsteld, voor hij zijn stijl had gevonden – en daarna langzaam weer kwijtraakte. Maar in Op weg naar het einde en Nader tot U, twee kernboeken uit de naoorlogse literatuur, had hij hem te pakken. Die stijl dus. Hij was ‘vrij’. Aangezien er toen nog bijna geen redacteuren actief waren, niet zoals in deze tijd, was er niemand die hem kon behoeden voor die vreemde, omslachtige, wat al te geconstrueerde eerste zin, die tevens de eerste alinea werd.

Advertisements

2 gedachtes over “De eerste alinea: Gerard Reve, Nader tot u

  1. Beste Chrétien, eens met wat je schrijft. Verander in de verantwoording even de titel: je schrijft De avonden, maar je bedoelt, Nader tot U. Hartelijks, Lidewijde

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s