Heimwee naar een tijd die ik niet heb meegemaakt

Self Portrait 1988 by Robert Mapplethorpe 1946-1989Gisteren zag ik de documentaire ‘Look at the pictures’, over Robert Mapplethorpe. De film begint begint met beelden van een fulminerende senator die de foto’s van de dan net overleden kunstenaars viezigheid vindt. Hij wil een tentoonstelling verbieden, want het museum waarin dat zou moeten gebeuren wordt door de staat gesteund – en de staat mag zich niet committeren aan dit soort Schund. Ook in Nederland waakt de staat. De (prachtige) documentaire mag alleen tussen 10 uur ’s avonds en 6 uur ’s ochtends worden bekeken. Anders krijgen kinderen deze beelden misschien onder hun kwetsbare ogen.

Het opvallende aan de film is de rommeligheid waarmee een en ander tot stand lijkt te zijn gekomen. Het was het einde van de jaren zestig in New York, en iedereen die ooit beroemd zou zijn, was nog niet beroemd. Maar ze kenden elkaar wel allemaal. En gingen met elkaar om. En maakten dingen. Die dan werden opgevoerd, getoond, ten gehore gebracht. Ik kreeg tijdens het kijken een soort heimwee naar die tijd, die ik nooit had kunnen meemaken, althans, niet heel bewust, want ik was toen ongeveer vier jaar oud en ik woonde niet in New York, maar in Leveroy.

Mapplethorpe (en Smith, en vele anderen) déden maar wat. Ze hadden wel allemaal, de een (Mapplethorpe of Smith) meer dan de ander, een ambitie. Ze wilden dingen maken én ze wilden beroemd worden. Nou, en dat gebeurde. Door een samenloop van omstandigheden. Door de juiste mensen tegen te komen op het juiste moment. En door een maximale esthetiek te koppelen aan minimale concessies aan wat dan ook. Mapplethorpe was ongebreideld ‘egoïstisch’, maar zelfs in zijn meest choquerende foto’s zie je hoe iemand via het lichaam op zoek is naar iets anders, naar de volmaakte uitdrukking van het lichamelijke, of het mystieke.

Niet voor niets lijken zijn composities rechtstreeks te verwijzen naar kunstenaars uit de klassieke tijd, uit de Renaissance of uit het begin van de twintigste eeuw. Ik weet me, merk ik, geen raad met zijn werk. Omdat het nieuw is en klassiek, omdat het mooi is en lelijk, mystiek en aards, al is dat laatste geen tegenstelling. Mapplethorpe is van alle tijden en volledig modern. Daarom is zijn werk na zijn vroege dood (op een wrange manier ‘net op tijd’) meteen tijdloos geworden.

Verfrissend niet-geëngageerd was Mapplethorpe, geheel gericht op zijn eigen omgeving en navel (en alles daar beneden). Hij legde zijn eigen wereld vast, niet dé wereld – alleen kon hij niet weten dat het een in rap tempo verdwijnende wereld was, die door AIDS werd aangetast. Wat hem betreft was wat hij voor zijn polaroidcamera en Hasselblad kreeg te zien het eeuwige, dagelijkse leven.

Zijn laatste zelfportret, gemaakt in samenwerking met zijn broer Edward, is ontroerend. De bij leven zo energieke Robert lijkt hier in het zwart te zweven. Hij is er al bijna niet meer. Alleen zijn hand omklemt nog die stok, waarin dat doodshoofd is gekerfd. Hij gedenkt hier niet dat hij moet sterven, hij wéét het. Het HIV-virus had hem al bijna opgevreten. Toch straalt hij, vind ik, kracht uit. Een kracht die hem bij leven had opgejaagd, die zijn talent had ondersteund en uitgebouwd.

Patti Smith: First encounters with Robert Mapplethorpe from Louisiana Channel on Vimeo.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s