A little confused, I remember well – over Bob Dylan

In mijn ontvankelijke jaren, in 1979, kreeg ik de lp Bob Dylan: At Budokan. Ik was nogal onder de indruk van Simple twist of fate, gebracht met een laagvliegende viool. Uit de Popencyclopedie (toen nog gewoon een boek, dat je moest doorbladeren) leerde ik dat het nummer van Blood on the tracks kwam, en die plaat moest ik hebben. Ik kreeg hem geloof ik voor mijn volgende verjaardag. De tekst van Simple twist of fate – voor zover ik hem kon verstaan – prevelde ik soms, ik was nogal een romantische knaap, voor me uit als ik op de fiets vanuit Leveroy richting Weert & school peddelde:

They sat together in the park
As the evening sky grew dark
She looked at him and he felt a spark
Tingle to his bones
’T Was then he felt alone
And wished that he’d gone straight
And watched out for a simple twist of fate

They walked along by the old canal
A little confused, I remember well
And stopped into a strange hotel
With a neon burnin’ bright
He felt the heat of the night
Hit him like a freight train
Moving with a simple twist of fate

A saxophone someplace far off played
As she was walkin’ by the arcade
As the light bust through a beat-up shade
Where he was wakin’ up
She dropped a coin into the cup
Of a blind man at the gate
And forgot about a simple twist of fate

He woke up, the room was bare
He didn’t see her anywhere
He told himself he didn’t care
Pushed the window open wide
Felt an emptiness inside
To which he just could not relate
Brought on by a simple twist of fate

He hears the ticking of the clocks
And walks along with a parrot that talks
Hunts her down by the waterfront docks
Where the sailers all come in
Maybe she’ll pick him out again
How long must he wait?
One more time for a simple twist of fate

People tell me it’s a sin
To know and feel too much within
I still believe she was my twin
But I lost the ring
She was born in spring
But I was born too late
Blame it on a simple twist of fate

Later, in het begin van de jaren tachtig, kwam tijdens de literatuurlessen van Herman van Horen, een aardige man die zijn beroep uitoefende met de moed der wanhoop, een gedicht van Martinus Nijhoff ter sprake, ‘Twee reddelozen’. Het bezorgde me toen, en nu nog soms, kippenvel:

Twee reddelozen

Zij gaat ’s nachts vaak naar de haven
Waarheen ze vroeger met mij ging,
Aan de eeuwige zee, aan de sterren,
Vraagt ze waarom het voorbij ging –

En de wind en de lichten der schepen
Zeggen dat al wat voorbijgaat
Op een reis is zonder thuisreis
Naar een einde waar niemand ons bijstaat –

In mijn hoge verlichte venster
Tussen schoorstene’ en torenklokken
Heb ik tegenover den hemel
Een eenzame voorpost betrokken.

In alles te kort geschoten,
Staar ik bij het raam op de stad
En vraag: was ik groter geworden
Wanneer ik had liefgehad?

Dit gedicht deed me aan Dylans lied denken, om de ‘sfeer’, om het late licht dat over de regels hangt, om de droefheid om wat voorbij is en niet te repareren. Zowel Dylan als Nijhoff begeven zich in het gebied waar melancholie en heimwee wonen, een gebied dat snel aanleiding geeft tot gedram en gezeur – maar in deze twee gevallen dus niet.

Dylan doet in zijn tekst ‘meer’ dan Nijhoff, die in zijn sonnet het octaaf reserveert voor ‘zij’ en het sextet voor ‘ik’. Dylan verschuift in zijn tekst van ‘they’ naar ‘she’ naar ‘he’ en ten slotte, heel verrassend, ‘I’. De losse structuur van de tekst, met soms aan rijmdwang grenzende oplossingen, wordt goedgemaakt door de sterke beelden die hij oproept. Of misschien zijn het geen sterke beelden, maar het zijn wel beelden die onmiddellijk blijven hangen, en die door de muziek worden ondersteund, hoewel ze als leestekst ook overleven.

Ik denk dat ik het gedicht van Nijhoff, in alles herkenbaar als gedicht, een paar jaar geleden hoger zou hebben ingeschat dan de tekst van Dylan. (Dat klopt overigens, zie dit eerdere stukje van mij.) Nu gaat mijn voorkeur uit naar Dylan, met bewondering voor Nijhoff. Ongetwijfeld verandert dat nog. En tweede en de vierde strofe van ‘Twee reddelozen’ blijven natuurlijk geweldig. Maar die vrouw die een munt in de bedelbeker van een blinde doet en die plotselinge verschuiving van ‘he’ naar ‘I’, die mogen er ook zijn. Daarmee is de vraag of Dylan die Nobelprijs wel verdiende meteen al in zijn voordeel beslecht. Hoe het Zweedse Comité tot die wijsheid is gekomen, blijft voorlopig helaas geheim.

Advertenties

Een gedachte over “A little confused, I remember well – over Bob Dylan

  1. Pingback: Joris van Groningen is jarig – Weblog van Chrétien Breukers

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s