En wat moet ik doen?

Op een dag ging de telefoon. ‘Met Casimir Droef,’ zei een man met een Limburgs accent. ‘Ik zag je sollicitatiebrief. We moeten praten.’ Ik zei dat praten altijd tot de mogelijkheden behoorde.
Een week later zat ik tegenover Casimir Droef in de lobby van een Utrechts hotel. We dronken koffie. Casimir bleek een lange, magere man, met de blik van een roofdier. Zijn grijze ogen stonden in een gezicht dat verder veel weg had van een leren masker waar wat attributen op waren gezet. Hij praatte aan één stuk door.
‘Ik geloof in veranderingen,’ zei Casimir.
‘Ik ook.’ antwoordde ik, iets te enthousiast.
‘De historicus Eric Hobsbawm schreef al aan het slot van zijn Age of Extremes dat een toekomst van de mensheid onmogelijk is door de lijnen van het verleden door te trekken naar de toekomst, en dat een poging om dit toch te doen, zou leiden tot duisternis.’
‘Precies,’ zei ik. Wie was Eric Hobsbawm?
Casimir pakte door: ‘We hebben met z’n allen een monster geschapen dat ons boven het hoofd is gegroeid. Marxisten beseften al langer dat het kapitaal het kwade is dat relaties corrumpeert, en niet de zuurstof is van de samenleving, zoals oude denkers ons voorhielden. Het monster bezwijkt nu aan verstikking en overdosis tegelijk. Er was nog zoveel kapitaal, maar ook nog nooit zoveel schuld, ongelijkheid en ecologische destructie. Het hart van het probleem is dat we onvoldoende hebben nagedacht over het mensbeeld dat ten grondslag moet liggen aan de inrichting van de wereld.’
‘Vertel.’ Ik had het opgegeven.
‘Het tekstbureau dat ik heb opgericht, of beter: het bureau voor teksten en denkrichtingen dat ik heb opgericht, is constant op zoek naar het nieuwe mensbeeld, naar een manier om het oude niet weg te vagen maar te vervangen door een denkwijze die recht doet aan elk individu en de maatschappij nergens, nooit, schaadt. Vrijdenkers hebben we nodig, mensen die over de heg kunnen kijken, en verder dan de tuin van de directe buren groot is.’
‘Nu snap ik het ja.’
‘We verbinden denkwijzen, combineren filosofieën, behouden het goede en denken het slechte weg. Nee, we denken het slechte niet weg, we vormen, via ons denken, in ons denken, een alternatief voor oplossingen die de maatschappij belemmeren bij het volledig exploiteren van de mogelijkheden die nu onbenut blijven.’
‘Ik ben onder de indruk.’
‘Dat is niet nodig. Wij zijn in onze teksten een alternatief voor religie.’
‘Voor religie?’
‘De mens haakt naar het hogere. Maar wat of wie is het hogere? Waar bevindt zich dat? Ons leven speelt zich af in de breedte, zoals A.F.Th. van der Heijden schreef, zo ongeveer, in de verticaliteit, en het hogere is een notie waarin horizontaliteit een rol speelt. Precies dit is het cruciale van religie: het leggen van een verbinding tussen de horizontaliteit van het menselijke en de verticaliteit van iets wat we met woorden kunnen omcirkelen, maar nooit direct benoemen. De religieuze ervaring daalt loodrecht van boven neer en is in wezen onmenselijk, een verrassing, een volslagen onverwachte gebeurtenis die een mens boven zichzelf uit kan tillen. Onze teksten leggen die verrassing, en we hopen: definitief, vast.’
‘En wat moet ik doen, als ik voor jullie ga werken?’
‘Teksten schrijven.’

disclaimer: dit stuk bevat citaten uit andermans werk

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s