Duizend stukken vlees in plastic

In de Albert Heijn was de vulploeg bezig. Twee jongens duwden een kar vooruit. ‘Duizend stukken vlees in plastic,’ zei een van de jongens. ‘Wolla,’ zei de andere. Ik hield mijn pas in tot ze voorbij waren. Bij de groenteafdeling zocht ik naar iets om te eten, maar ik zag niets waar ik zin in had. Het was erg druk in de winkel. Bij de koffieautomaat stond een rij van vier mensen: een bejaarde, een hipster, een vrouw met een bloemetjesjurk en een jonge jongen met dreadlocks. De wereld gaat binnen niet al te lange tijd ten onder en niemand zal gered worden. Niemand, of iedereen.

Ik lees een boek van Michel Tournier, Een vlaag van bezieling. Van Tournier krijg je soms de daver op je lijf, omdat hij, zij het altijd suggestief, durft te spelen met ideeën en opvatting die niet bon ton zijn, of gevaarlijk, vooral voor degene die ze heeft en durft te ventileren. Tournier is een schrijver die beproefde verhalen gebruikt om de kwetsuren uit zijn kindertijd opnieuw te beleven én te bedekken met een laag fictie en een even dikke laag essayistiek. Die bijna dwangmatige terugkeer naar de kindertijd, waarin een vorm van pedoseksualiteit meezingt, irriteert en vertedert, al is vertedering denk ik niet het eerste waar Tournier op uit is. Ik zou trouwens niet weten waar Tournier in zijn proza op uit is, juist dat blijft al lezend over het algemeen verborgen, of beter: geheim. Tournier is de schrijver van geheimen.

‘Onze kinderjaren worden ons geschonken als een gloeiende chaos, en we hebben aan de rest van ons leven niet genoeg om te proberen er orde in te scheppen en onszelf uitleg te verschaffen.’ Misschien is dat een beetje dramatisch gezegd, maar hij vat er zijn schrijverschap wel mooi mee samen. Of hij die uitleg heeft verschaft, heeft kunnen verschaffen, blijft een open vraag. Sommige dingen kan een schrijver niet formuleren, zelfs niet als hij zich bewust is van de zaken die het vliegwiel van zijn oeuvre aan de gang houden. Het is goed om altijd een paar blinde vlekken over te houden. Een schrijver zonder een blinde vlek is eerder een communicatie-adviseur dan een schrijver.

Vrijdagavond sprak ik een schrijfster, in het Torpedotheater. Ik wist niet dat ze schrijfster was. Haar boek is drie jaar geleden verschenen. Vroeger kende ik alle debutanten in elk geval bij naam, ik las literaire bijlages en probeerde zoveel mogelijk nieuwe boeken te lezen. Die tijd is voorbij, ergens ben ik het vermogen om ‘mijn’ vakgebied bij te houden kwijtgeraakt. Ik heb het boek van de schrijfster besteld. Ondertussen las ik al een paar recensies en probeerde uit die gloeiende chaos een beeld van het boek te construeren. Het was ondoenlijk. Er zit maar één ding op: zelf lezen.

Ik herinner me hoe het er in de boekhandels waarvoor ik werkte aan toeging: elke dag kwamen er pallets vol nieuwe titels binnen. Duizend bakstenen van papier en inkt per dag. De eerste jaren vond ik dat het elke dag Sinterklaas was. Op den duur kreeg ik het idee dat iemand alle boeken die elders niet verkocht konden worden naar binnen schoof. Het woeste enthousiasme dat sommige boekverkopers elke keer opnieuw kunnen opbrengen voor pas verschenen boeken doofde uit. Ik legde de nieuwe boeken grimmiger en grimmiger op stapels of zette ze rechtop in de kast. Wolla.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s