Het oog op de horizon

13493280_10209971362627069_1533455055_oDit stukje wordt geschreven op de veerboot van Harlingen naar Vlieland. Het is mooi weer, dat wil zeggen: mooi weer als je van grijze wolken houdt. Ik hou van grijze wolken. Meeuwen hangen, wiegend op de thermiek, boven het Moederschip Vlieland, want zo heet deze veerboot. Net kwam de Liquenda uit Urk ons tegemoet. Een christelijke vissersboot.

Ik ben in 1988 heel erg zeeziek geweest op de Waddenzee. Als vakantiehulp was ik toegevoegd aan de staf van een Tjalk die vakantiegangers naar Denemarken bracht, en weer terug. Tijdens mijn eerste reis was het nogal ruig weer toen we uit Harlingen vertrokken. Ik stond aan dek en sloeg groen uit. De schipper lachte en zei: ‘Wacht maar, tot we de Waddeneilanden zijn gepasseerd.’

En inderdaad. Toen we op open zee kwamen, dook het schip eerst ongeveer honderd meter naar beneden, om daarna weer honderd meter op te klimmen; ik probeerde het advies om me op de horizon te concentreren – dan zou je niet misselijk worden – uit te voeren, maar de horizon was nergens meer te bekennen. Er was alleen maar water, overal water, en het dek waarop ik stond werd voor mijn gevoel steeds kleiner.

Na een half uur ging ik voor de bijl. Mijn maag keerde zich om. Ik had nog net de tegenwoordigheid van geest om niet tegen de wind in te gaan staan.

Eenmaal leeg heb ik tot Kiel in mijn kooi gelegen. Ik wilde dood, of als het niet anders kon heel diep slapen, weg zijn. Ik nam me voor om nooit meer een zeereis te maken, echt nooit meer. Daar was ik, als Limburgse jongen, duidelijk niet geschikt voor. Gek genoeg verdween mijn gevoel van malaise van het ene op het andere moment toen ik voet aan wal zette, om nooit meer terug te komen. Ik had zeebenen gekweekt, zei de schipper.

Denemarken is een vreemd land. De Denen lijken sprekend op Europeanen, maar na twee biertjes vallen ze terug op de gewoonte die ze hadden toen ze nog wilden waren. Wie ooit in café The Gaslight in Middelfart is geweest, weet hoe een horde Noormannen eruit zag, vlak voordat ze een West-Europees dorp gingen brandschatten. Ze doen het niet meer, omdat ze lid zijn geworden van de Europese Unie, maar ze houden zich in vorm. Tegen sluitingstijd werden de vrouwen verdeeld. Het Avondland wordt aan de randen aangetast.

Toen Winston Churchill op een ochtend werd ingelicht dat een parlementslid was betrapt tijdens een van de koudste februarinachten in dertig jaar, terwijl de man onzedige handelingen verrichtte met een ‘guardsman’ in een park, ontstak de premier niet in morele verontwaardiging, maar zei hij: ‘Makes you proud to be British doesn’t it?’ Dat lijkt me de enig juiste houding tegenover de aanstaande Brexit. Stoïcijns op weg. En altijd het oog op de horizon gericht houden.

Vlieland komt dichterbij. Suzanne maakt al de hele reis foto’s aan dek. Ik controleer of ik mijn boek bij me heb. De verzamelde verhalen van J.J. Slauerhoff. Die verbleef vaak op Vlieland, want dat was goed voor zijn astma. Ik heb zijn proza nog nooit gelezen en dat kan natuurlijk niet. Aan die misstand moet dit weekend een einde komen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s