Voetbal en vader

kroonAls mijn vader naar een voetbalwedstrijd kijkt, valt hij binnen tien minuten in slaap. De wedstrijd gaat zijn gang en af en toe wordt mijn vader wakker. Dan zegt hij dat het een waardeloze wedstrijd is. Dat de spits van de aanvallende partij beter iets anders kan gaan doen dan voetballen.

Mijn vader weet al decennia waarom de voetbalsport in verval is geraakt. De spelers verdienen veel te veel. Het maakt ze lui en onverschillig. Vroeger, toen mijn broer en ik nog samen met mijn vader naar voetbalwedstrijden keken, kregen we altijd prettig ruzie met elkaar nadat mijn vader die opmerking had gemaakt. Het was misschien ook geen ruzie, het was een manier om verhalen uit te wisselen, iets wat zonder die eeuwig-herhaalde opmerking van mijn vader niet kon.

Mijn vader was tijdens het WK van 1974 een groot fan van het Poolse elftal. In 1978 en 1982 was hij dat opnieuw. De spits Grzegorz Lato was een van zijn idolen. Ik vond er niks aan. De man was kaal. Ik bedoel, een kale voetballer, wat kon je daar in hemelsnaam van verwachten? Later las ik ergens dat hij misschien wel een van de meest onderschatte spelers van die tijd was. Dit betekent niet dat mijn vader gelijk had.

Om de een of andere reden is mijn vader fan van AJAX. Niet van PSV, de club die die in alle opzichten dichterbij is. Als AJAX niet goed speelt, heeft mijn vader moeite om in slaap te raken. Soms duurt het dan wel een kwartier voordat zijn ogen eindelijk dichtvallen. Frank de Boer kan rekenen op mijn vaders loyaliteit. Frank de Boer is voor mijn vader wat Grzegorz Lato in de jaren zeventig en tachtig was. Iemand die misschien niet heel erg opvalt, maar die wel erg geschikt is om overtollige affectie op te projecteren.

Toen mijn vader nog in Leveroy woonde en een winkel had, sponsorde hij S.V. Leveroy. Ik herinner me dat ik tijdens thuiswedstrijden van het eerste altijd trots was op het bord van de Kroon-winkelier Breukers-Peeters uit de Deckersstraat. Op een lichtblauw bord (in de kleur van het shirt van Lazio Roma) stonden onze achternamen en het mooiste logo dat ik ooit had gezien.

De favoriete speler van S.V. Leveroy was een langharige rechtsbuiten met een baard. Hij was niet overdreven goed maar kon wel erg hard rennen. Als hij aanzette voor een sprint, zag je mijn vader tevreden kijken. Zo moest je dat doen. Niet dat vervelende geschuif. Niet teruglopen. Naar voren lopen en dan maar zien wat er van kwam. Meestal kwam er niets van. Tot die ene keer, toen het eerste kampioen werd. Mijn vader kon het bijna niet geloven.

Mijn vader hielp de meester van de derde en de vierde klas, die in het tweede voetbalde, met de boekhouding van S.V. Leveroy. Als het kasboek op zijn bureau lag, keek ik wie er allemaal een boete had gekregen. De meester van de derde en de vierde klas kreeg vaak een boete, omdat hij de neiging had om vuile overtredingen te maken en de scheidsrechter uit te schelden. De eerste boete was 25 gulden en dat liep dan op tot 100. Ik gebruikte die kennis als de meester mij strafwerk wilde geven.

In 1994 keken mijn broer en ik voor het laatst samen met mijn vader naar een voetbalwedstrijd. Ik geloof dat het Nederland-Brazilië was. Toen Nederland de wedstrijd dreigde te verliezen, zei mijn broer ineens: ‘Ik weet hoe dit komt. Ze verdienen te veel.’ Mijn vader schoot op uit een halfslaap en keek hem blij aan. ‘Precies. Zo is het.’ Tot hij doorkreeg dat hij in de maling werd genomen en weer terugzakte in zijn stoel.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s