Een gebroken arm

AHI_434d50323233333734_1_200x200_JPGIn de Albert Heijn komt een meisje van een jaar of drie op me af. Ze beweegt haar rechterarm en zegt dan: ‘Mijn arm is gebroken.’ Ik lach. ‘Als je nog met die arm kunt bewegen, is hij niet gebroken.’ Ze laat zich niet van de wijs brengen: ‘De arm is gebroken. Ik ben net gevallen en toen gebeurde het.’ Gelukkig realiseer ik me net op tijd dat het geen zin heeft om een driejarige te bestoken met argumenten. Ik kijk om me heen en zie een bak waarin theedoeken liggen. Binnen een seconde of tien heb ik een van de doeken omgetoverd tot een mitella. Het meisje kijkt me tevreden aan.

‘Nu moet je die arm een week of drie in deze doek laten hangen. Een week of drie. Daarna is je arm weer goed.’
‘En als ik ga slapen?’
‘Dan mag je de mitella, want zo heet zo’n doek, afdoen.’
‘Mag ik ook buiten spelen?’
‘Dat mag. Wel voorzichtig zijn, anders breek je je arm nog een keer.’

Tevreden over mijn gaven als geneesheer en psycholoog draai ik me om richting het gangpad waar de soepen staan. Het meisje dribbelt naar een vrouw die is gekleed in een jurk waar ze duidelijk een beetje uitgroeide. Ooit kocht ze hem misschien een halve maat te groot, hij zat heerlijk soepel, maar het leven, de zwangerschap en een ongezond voedingspatroon ruïneerden haar, of nou ja, helemaal geruïneerd is ze niet. Ze is meer een ruïne in voorbereiding.

Die vrouw wordt boos. Die vrouw wordt boos op dat kind en begint op luide toon te spreken.

‘Hoe kom je aan die theedoek?’
Het meisje wijst in mijn richting. Ik begin pacificerende handgebaren te maken en loop op de vrouw af.
‘Mevrouw, het is al goed. Ik heb van die theedoek een mitella gemaakt, omdat uw dochter een gebroken arm heeft.’
Ja, ik vind ook zelf dat dat een beetje suf klinkt.
‘U moet met uw tengels van mijn dochter afblijven.’

Het heeft geen zin om me te verdedigen. De vrouw maakt de knopen los die ik net nog legde, vouwt de doek op en smijt hem terug in de bak. Ze kijkt me daarna aan met van die valse ogen, half-dichtgeknepen. Die doen het, die zorgen ervoor dat ik toch in de verdediging ga.

‘Ik deed niks verkeerd.’
‘Je moet je gewoon nergens mee bemoeien. Engerd.’
De vrouw gijpt het meisje bij een arm, de gebróken arm, en trekt haar weg. We kijken elkaar aan, het meisje en ik. Haar ogen staan verdrietig. Het arme kind. Te moeten opgroeien onder het commando van zoiets.

Ik grijp een blik kippensoep van Struik. Een groot blik, er zit meer dan een liter soep in. Die soep is niet te eten, maar het blik is prima geschikt om de moeder buiten gevecht te stellen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s