Lezen (36)

Mijn oma was een gelovige vrouw. Laat ik dat preciseren: mijn oma was van kruin tot tenen rooms.

Toen ze rond haar vijfenzestigste borstkanker kreeg, beloofde ze een bedevaart naar Lourdes te maken als ze zou genezen. Ze ging dus niet toen ze ziek was, zoals het min of meer hoort, maar pas ná haar genezing. Want behalve zeer rooms was mijn oma ook zeer praktisch ingesteld en niet iemand die geld over de balk smeet voor een misschien zinloze reis.

Je moet al bijna katholiek zijn, of katholiek opgevoed, om dit te begrijpen. De werkelijkheid gaat voor de leer en het woord uit.

Na haar genezing was het hek echter flink van de dam en ging ze elk jaar een keer alleen (opa reisde niet graag), in een bus met andere bejaarde bedevaartgangers, richting de Franse Pyreneeën.

Bij terugkomst zat haar koffer vol rozenkransen, met wijwater gevulde mariabeeldjes waarvan de kroon op het hoofd van de Heilige Maagd de schroefdop was en in Frankrijk gezegende palmtakken die ze uit Nederland had meegenomen, speciaal om daar, ver weg, met heilig water te laten besprenkelen. Die takjes staken vervolgens een heel jaar achter onze voortdurend droogstaande wijwaterbakjes. Ik weet niet waarom.

Mijn oma las elke week een ‘boekje’. Dat was soms een ‘roman’ uit de leesportefeuille en dan weer eens aflevering uit de Bouquetreeks. Nooit heb ik haar iets over die verhalen horen vertellen, ik wist alleen dat ze die las. In een kalme regelmaat. Ik kan niet zeggen dat mijn oma een lezer was. Ze las desondanks wel degelijk.

Opa, de notoire thuisblijver, las helemaal nooit. ’s Ochtends keek hij even in de krant, maar zijn wereldbeeld was van gewapend beton en de kans dat een krantenbericht zijn mening kon veranderen, enfin, daar was geen sprake van. Alleen als hij iets over Joop den Uyl las, werd hij even wakker. Die naam had altijd een enorme invloed op hem, dat wil zeggen: na het horen of lezen ervan stond het schuim hem binnen een paar tellen op de lippen.

Toen ik hem een keer een tijdschrift liet zien waarin ik een gedicht had gepubliceerd, zei hij: ‘Het zijn allemaal scheve letters.’ Soms hadden we woorden. Dan werd hij onhebbelijk: ‘Als de bisschop nu hier zou zijn, dan zou hij je alle hoeken van de kamer laten zien. Die man is namelijk wel doorgeleerd.’ Mijn opa had ondanks zijn ongeletterde levenswandel veel respect voor boekenwijsheid – van mensen buiten zijn familie.

Advertenties

Een gedachte over “Lezen (36)

  1. Pingback: Lezen (76) | Weblog van Chrétien Breukers

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s